Werken met statushouders
- 17 maart 2026
- Laatste update: 30 maart 2026

Werknemers vinden is voor veel werkgevers in de land- en tuinbouw een uitdaging. Heb je al eens gedacht aan het werken met statushouders?
Statushouders zijn gemotiveerde mensen die graag aan de slag willen en willen bouwen aan hun toekomst in Nederland. Ze brengen vaak een sterke werkmotivatie mee, zijn loyaal en willen zich ontwikkelen. Voor jou kan dat betekenen: extra handen, nieuwe energie in je team en een bredere kijk op werk.
Natuurlijk vraagt het soms iets extra’s. Denk aan taal, cultuurverschillen, begeleiding op de werkvloer of uitleg over hoe het werk hier georganiseerd is. Maar daar sta je niet alleen in. Er zijn regelingen, ondersteuning en praktische hulpmiddelen die het een stuk eenvoudiger maken.
Op deze themapagina vind je heldere informatie, praktische tips en direct toepasbare stappen om te bepalen of werken met statushouders bij jouw bedrijf past.
Een statushouder is een asielzoeker die via een verblijfsvergunning asiel heeft gekregen (meestal voor bepaalde tijd), en in Nederland mag wonen én werken. Statushouders hebben dezelfde rechten en plichten op de Nederlandse arbeidsmarkt als andere werknemers. Er zijn dus geen verschillen op dat gebied met het aannemen van een reguliere medewerker.
De asielzoekers hebben nog geen verblijfsvergunning en zitten hiervoor nog in procedure. Ook deze groep mag in Nederland werken maar alleen onder voorwaarden. De belangrijkste voorwaarden zijn:
Ja. Een statushouder mag zonder tewerkstellingsvergunning (TWV) werken in Nederland. Dat mag in loondienst, als uitzendkracht maar ook als stagiaire of op een werkervaringsplaats. De werknemer valt volledig onder het Nederlandse arbeidsrecht en van toepassing zijnde cao. Je kan een statushouder dus gewoon aannemen net als iedere andere werknemer. Gebruik hiervoor bijvoorbeeld het model arbeidsovereenkomsten in verschillende talen.
De Werkgeverslijn land- en tuinbouw bied op haar website verschillende voorbeeldcontracten aan. Dit kan een tijdelijke overeenkomst zijn of eventueel een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. Andere vormen zijn ook mogelijk. Deze zijn in verschillende talen en voor verschillende cao’s beschikbaar. Zie hiervoor onze downloads.
Ja, dat mag. Een statushouder is een asielzoeker die via een verblijfsvergunning asiel heeft gekregen (meestal voor bepaalde tijd), en in Nederland mag wonen én werken.
Statushouders hebben dezelfde rechten en plichten op de Nederlandse arbeidsmarkt als andere werknemers. Zij mogen dus ook gewoon via een uitzendbureau aan het werk.
Nee, niet meer dan bij andere werknemers. Wel is zorgvuldige identiteitscontrole extra belangrijk. Controleer identiteit en verblijfsdocumenten zorgvuldig net als bij je internationale werknemers. Je bent verplicht om het originele identiteitsbewijs te controleren en vast te stellen dat arbeid is toegestaan.
Bewaar kopieën in het personeelsdossier (conform AVG).
Ja, seizoensarbeid is toegestaan, zolang het contract en de cao correct worden toegepast. Let wel op dat statushouders inburgeringsplicht hebben. Zij moeten ook tijd hebben voor bijvoorbeeld het volgen van taallessen: zij zijn hierdoor parttime beschikbaar voor seizoenswerk. Bovendien vergt het werken met statushouders met name aan het begin extra begeleiding en ondersteuning. Weeg daarom goed af of het verstandig is om statushouders te laten starten met seizoenswerk.
Nee. Statushouders moeten zelf vanaf de datum van ingang van de permanente verblijfsvergunning binnen 4 maanden een Nederlandse zorgverzekering afsluiten. De zorgverzekering start dan met ingang van de datum waarop de verblijfsvergunning ingaat (eventueel met terugwerkende kracht). Attendeer je statushouders op deze verplichting. Alleen als de statushouders nog woonachtig zijn in de COA-opvang, dan vallen zij nog onder de zorgregeling van het COA.
Neem contact op met je gemeente of met een COA bij jou in de buurt.
Dat kan per gemeente verschillen. Het is verstandig om te informeren bij jouw gemeente of het WerkgeversServicepunt van het UWV naar de mogelijkheden. Er zijn vaak mogelijkheden voor een tijdelijke loonkostensubsidie, stimuleringspremies en tegemoetkoming in extra kosten voor begeleiding, scholing of aanpassing van de werkplek.
Er is ook een landelijke Subsidieregeling Ondersteuning Werkgevers Inzet Statushouders (SOWIS).
Deze subsidie is bedoeld om werkgevers financiële hulp te bieden bij het begeleiden van statushouders op de werkvloer. Denk aan ondersteuning bij:

Je kunt subsidie aanvragen voor maximaal 4 statushouders per aanvraag. Het maximale subsidiebedrag totaal per aanvraag is ongeveer € 24.000.
Voorwaarden om in aanmerking te komen:
De statushouder heeft een arbeidscontract voor minstens 20 uur per week en minstens 1 jaar.
De statushouder heeft maximaal 6 maanden gewerkt voor jou of nog niet eerder bij jou gewerkt.
Je onderbouwt met een activiteitenplan hoe je begeleiding organiseert (taal, cultuur, buddy, inwerkprogramma).
De aanvraagronde in 2026 loopt van 8 juni 2026 tot en met 30 september 2026. Je vraagt de subsidie aan via het Subsidieportaal van het Ministerie van SZW.
Subsidie aanvragen
Kijk ook eens naar het programma ‘Taalbuddy’s. Hierbij worden “op het werk” anderstalige werknemers gekoppeld aan Nederlandstalige collega’s. Samen oefenen ze Nederlands in een groepje of 1-op-1, een uur per week gedurende 3 tot 6 maanden middels een programma van 20 sessies. Deze periode is nodig om een band op te bouwen én te werken aan het oefenen van (vak)taal en het bespreken van werkcultuur. De Nederlandstalige medewerkers worden ondersteund met e-learning en oefenmateriaal.
‘Taalbuddy’s op het werk’ is een programma van stichting Het Begint met Taal, die anderstaligen helpt sneller mee te doen. Het Begint met Taal koppelt anderstaligen aan Nederlandstaligen voor taalontmoetingen. Zo versterken we hun taalvaardigheid, zelfvertrouwen en sociale netwerk.
“De mensen waren gemotiveerd en hadden een positieve houding. De samenwerking verliep goed.”
“Ze willen héél graag werken.”
‘Er is echt de wil om te werken.”
“Goede werketos. Leuk om mensen te helpen een plek te vinden binnen de Nederlandse maatschappij.”
Naast de voordelen zijn er ook aandachtspunten bij het werken met statushouders. Ook bij seizoenswerkers is dit van belang maar dus ook bij statushouders.

Vaak spreken statushouders nog niet heel goed Nederlands of geheel niet. Extra aandacht voor veiligheid op de werkvloer is daarom verstandig. Enkele praktische tips:

Statushouders moeten verplicht inburgeren. Zij hebben hiervoor 3 jaar. In die tijd leren ze Nederlands en krijgen ze kennis van de Nederlandse samenleving en arbeidsmarkt. De meeste statushouders volgen een cursus en doen daarna het inburgeringsexamen. Gemiddeld hebben zij 2 tot 4 dagdelen per week les.
Tips: Bespreek vooraf hoeveel lesuren iemand heeft en op welke dagen. Heb je meerdere statushouders in dienst? Kijk samen met hen en de gemeente of je taallessen op je bedrijf kunt organiseren, eventueel met een taalschool of ROC. Zo kunnen statushouders tegelijk les volgen, soms ook in de avond. Dat geeft rust in de planning en werkroosters. Je bespaart reistijd en de lessen sluiten beter aan op de vaktaal op de werkvloer.

Net als bij internationale werknemers kunnen ook bij statushouders andere omgangsvormen of werkcultuur een rol spelen.
Wees daarom duidelijk over:
Maak afspraken expliciet en herhaal ze.

Het hebben van of ontbreken aan goede en prettige huisvesting heeft grote invloed op het welzijn van je werknemer. Bespreek met je medewerker hoe dit bij hem of haar geregeld is. Bekijk samen of er vervoer beschikbaar is van en naar het werk. Zorg eventueel voor ondersteuning voor het vervoer.
Gemeenten kunnen vaak helpen bij:
Wij organiseren in samenwerking met partijen als UWV, bedrijfsbezoeken waarbij statushouders kennismaken met de land- en tuinbouw en met jou als agrarisch ondernemer. Sta je ervoor open groepen te ontvangen (en heb je vacatures open staan?)? Neem dan contact op met projectleider Ankie de Jong.