Huisvesting van internationale werknemers in de land- en tuinbouw

Om maar met de deur in huis te vallen..

Internationale werknemers zijn van groot belang voor de land- en tuinbouw. Een belangrijke randvoorwaarde voor internationale werknemers is goede huisvesting. Daarbij komt nog best wat kijken.  Wat speelt er ook alweer met Roemer? Wat vindt LTO belangrijk? En hoe kun je zelf met huisvesting aan de slag? In deze kennisbank vind je alles. Van de LTO-visie op huisvesting, het inspiratieboek van tijdelijke huisvesting van internationale werknemers, tot video’s met praktijkvoorbeelden en praktische tips. Toch nog een vraag? Neem gerust contact op via info@werkgeverslijn.nlof via 088 8886688. Of neem contact op met het ondersteuningsprogramma huisvesting.

Het rapport van Roemer over huisvesting

Het Aanjaagteam bescherming arbeidsmigranten heeft in oktober 2020 een rapport opgesteld met aanbevelingen om de misstanden rondom arbeidsmigranten te verminderen. De vier belangrijkste aanbevelingen uit het rapport zijn:

  1. Gemeenten moeten meer sturingsmogelijkheden krijgen om tegen misstanden op te kunnen treden. Het Aanjaagteam stelt daarom een verhuurdersvergunning voor.   
  2. Gemeenten en provincies moeten zich inzetten voor het realiseren van meer huisvesting van internationale werknemers.  
  3. De kwaliteit van de huisvesting moet omhoog. Daarom moeten de keurmerken SNF en AKF geïntegreerd worden en de eisen daarvan aangescherpt. Zo moet er sprake zijn van één persoon per kamer met een minimale oppervlakte van 5,5 m3 en een woonvoorziening van 15 m2 leefoppervlakte (inclusief genoemde 5,5 m2).   
  4. Werkgeverschap en verhuurderschap moeten ontkoppeld worden. Naast een arbeidscontract, behoort een internationale werknemer ook een eigen huurovereenkomst te krijgen.  

De aanbevelingen zijn gericht aan de rijksoverheid, provincies en gemeenten, maar ook aan andere betrokkenen zoals werkgevers. Het is aan hen om met de aanbevelingen aan de slag te gaan.   

Column Eric Douma – Visie huisvesting

Eric Douma

LTO Nederland is trots op de internationale werknemers die in onze sector werken. Een eerlijke beloning, goede werkomstandigheden en waardering vinden wij net zo normaal als goede huisvesting. Maar bij huisvesting wringt de schoen. Volgens het Expertisecentrum Flexwonen is er een tekort van ruim 100.000 bedden voor het huisvesten van internationale werknemers. Omdat huisvesting een belangrijk onderdeel is van het hele arbeidsvoorwaardepakket, wordt Nederland op deze manier minder aantrekkelijk voor de internationale werknemers. Gemeenten en provincies spelen een belangrijke rol om meer huisvesting gerealiseerd te krijgen. De gemeenten moeten in beweging komen en ondernemers een vergunning geven om goede huisvesting te bouwen. 

De Commissie Ondernemerschap en Onderwijs heeft namens LTO Nederland een visie huisvesting van internationale werknemers vastgesteld. De visie is landelijk en roept gemeenten op om werk te maken van meer huisvesting voor de internationale medewerker. De visie moet inspireren om regionaal aan de slag te gaan met meer maatwerk zodat bedrijven de ruimte krijgen om goede huisvesting te bouwen en de medewerkers goed te huisvesten. Uiteraard is de landelijke visie algemeen, regionaal zal er maatwerk moeten komen.  

Mocht je ook exemplaren van de visie op papier willen ontvangen, laat het de Werkgeverslijn land- en tuinbouw weten via info@werkgeverslijn.nl 

Eric Douma, Portefeuillehouder Ondernemerschap en Onderwijs LTO Nederland 

Visie Huisvesting internationale werknemers

De rol van de ondernemer

Goede huisvesting vormt een belangrijke voorwaarde om internationale werknemers aan te trekken en te behouden. Bij de ondernemer ligt de verantwoordelijkheid om te zorgen voor goede huisvesting. Dit kan door zelf huisvesting te realiseren, huisvesting te huren of samen te werken met een uitzendbureau dat de huisvesting voor internationale werknemers goed heeft geregeld.  

Werknemers zelf in dienst nemen en eigen huisvesting realiseren heeft voordelen voor ondernemers. Je hebt meer binding met je personeel, er is meer sociale controle en omwonenden ervaren minder overlast. Maar als ondernemers zelf huisvesting willen realiseren kan daar veel bij komen kijken. Bijvoorbeeld het ontwikkelen van goede contacten met de gemeente, het maken van duidelijke afspraken en zorgen dat er steun is voor de huisvesting bij omwonenden. Door de huisvesting AKF of SNF te laten certificeren weet de ondernemer dat de huisvesting van goede kwaliteit is en aan alle voorwaarden voldoet.

De rol van de gemeente

Het is de rol van de gemeente om te zorgen voor voldoende huisvesting voor de verschillende doelgroepen. Daarvoor heeft een gemeente verschillende instrumenten.   

Beleid 

Het begint met het formuleren van beleid. Bij voorkeur wordt er apart nagedacht over het huisvesten van internationale werknemers. In een beleidskader presenteert de gemeente hoe zij aankijkt tegen deze groep inwoners en hoe hun huisvesting wordt georganiseerd. Daarvoor heeft een gemeente een aantal instrumenten, zoals het bestemmingplan.   

Bestemmingsplan 

In een bestemmingsplan wordt beslist waarvoor een bepaald stuk grond mag worden gebruikt, bijvoorbeeld de bestemming wonen of bedrijventerrein. Het verschilt per gemeente welke functies zij gebruikt en ook hoe er wordt gehandhaafd. Voor de realisatie van al dan niet tijdelijke huisvesting is het dus van belang om de bestemming te kennen.  

Bouweisen 

Daarnaast spelen er eisen aan de bouw zelf. Mogelijk is hiervoor een omgevingsvergunning nodig. Dat geldt in de meeste gevallen ook voor het neerzetten van units als portakabins (verplaatsbare units). Verder kunnen er aanvullende eisen worden gesteld op het gebied van brandveiligheid. Een aantal gemeenten hanteert verder het keurmerk AKF of SNF als leidraad bij het beoordelen van de kwaliteit en het comfort. Wettelijk opleggen van de keurmerkeisen kan overigens niet.    

Ondersteuningsprogramma VNG 

Het ondersteuningsprogramma van de VGN kan gemeenten ondersteunen bij het ontwikkelen van goed beleid. Zij kunnen hiervoor contact opnemen met arbeidsmigranten@vng.nl.

De rol van de bestuurder

LTO-bestuurders hebben een belangrijke rol in het leggen van contacten met gemeenten en het bemiddelen tussen agrarische ondernemers en gemeenten. Zij weten wat er in de gemeente speelt en kunnen goed inschatten waar huisvesting het beste kan worden gerealiseerd, welke vormen van huisvesting passen en hoe de procedure met de gemeente het slimste kan worden aangepakt. Daarnaast hebben zij zich op het draagvlak voor huisvesting bij de politiek en omwonenden. 

 Inspiratieboek

 

Nederland komt 120.000 plekken tekort voor de huisvesting van internationale medewerkers. Om deze tekorten op te lossen moet meer passende huisvesting worden gerealiseerd voor deze mensen. Om de realisatie hiervan aan te jagen lanceren LTO Nederland en Greenports Nederland ‘Een plek onder de zon’, een inspiratieboek voor meer en betere huisvesting van internationale medewerkers. Het boek inventariseert de succesfactoren uit de praktijk vanuit verschillende goede voorbeelden door heel Nederland. Het boek biedt bestuurders, gemeenten en ondernemers handvatten om de realisatie van passende huisvesting te versnellen.

 

huisWat moet je weten?

Gemeentelijke belastingen

Werknemers inschrijven bij een gemeente of RNI? Waterschapsbelasting? Toeristenbelasting? Soms zie je door de bomen het bos niet meer. Op zoek naar een overzicht? Wij schreven een artikel over gemeentelijke belastingen bij huisvesting voor internationale werknemers. Succes!                                      

Goed verhuurderschap

De overheid werkt aan de introductie van een verhuurdersvergunning. Dat betekent dat een gemeente een vergunningenstelsel kan invoeren om aan internationale werknemers te mogen verhuren. Aan die vergunning zitten een aantal belangrijke voorwaarden, zoals het hebben van een schriftelijke huurovereenkomst, maar ook dat arbeidsmigranten een eigen afsluitbare kamer hebben. Voor stellen geldt die eis niet. LTO Nederland is met het wetsvoorstel, dat voor de zomer naar de Kamer gaat, niet gelukkig. Het vergroot de druk op de woningmarkt voor deze groep alleen maar. Het zou veel beter zijn om in te zetten op kwaliteit en dat goed te handhaven.  

Huurbescherming voor internationale werknemers

Internationale werknemers hebben in de meeste gevallen recht op huurbescherming en huurprijsbescherming. Dat eerste betekent dat een huurovereenkomst niet zomaar kan worden beëindigd. Huurprijsbescherming houdt in dat als het gaat om een sociale huurwoning, er een maximale prijs is. Daarbij is de aanvangshuur relevant: ligt die bij het aangaan van de overeenkomst onder de liberalisatiegrens, dan is het – ongeacht de soort verhuurder – een sociale huurwoning. Overigens wordt het grootste deel al door de sector zelf gereguleerd: in de cao’s open teelten en glastuinbouw staan immers al maximale percentages voor de huurprijs. 

Er zijn omstandigheden dat internationale werknemers minder huurbescherming genieten. Bijvoorbeeld omdat ze maar kort in Nederland verblijven. De huisvesting wordt in dat geval aangeboden als logies en de overeenkomst die daarbij past heet “naar zijn aard van korte duur”.  In het advies van Roemer wordt een grens van vier maanden gehanteerd. Hoewel de omstandigheden uiteindelijk bepalen of er sprake is van naar zijn aard van korte duur, kan een verhuurder die vier maanden wel als richtlijn gebruiken.   

Keurmerk: waarborging kwaliteit van huisvesting

De huisvesting moet goed en veilig zijn. Het Agrarisch Keurmerk Flexwonen waarborgt de kwaliteit van de huisvesting op land- en tuinbouwbedrijven en certificeert de werkgever wiens huisvesting voldoet aan de strenge AKF-normen. Het keurmerk kan alleen worden toegepast voor de huisvesting van werknemers die direct in dienst zijn van agrarische bedrijven in de Glastuinbouw en Open Teelten.  De AKF-normen zijn opgesteld door werknemers en werkgeversvertegenwoordigers. Daarnaast is er het keurmerk van de Stichting Normering Flexwonen (SNF). Dit keurmerk kan bijvoorbeeld worden toegepast bij de huisvesting van uitzend- en payrollkrachten. 

Wil je meer weten over certificering? Ben je bijvoorbeeld benieuwd naar het verschil en de overeenkomsten tussen AKF en SNF? Of wil je weten welke land- en tuinbouwbedrijven jouw voorgingen en gecertificeerd zijn? Dit alles vind je op onze pagina Flexwonen. 

Agririsch Keurmerk Flexwonen

Checklist Kwaliteit huisvesting

Wil je als werkgever kijken of je in aanmerking kunt komen voor het Agrarisch Keurmerk Flexwonen? De checklist Kwaliteit huisvesting helpt je om de elementen die een rol spelen rond veiligheid, hygiëne en comfort te beoordelen. Ze is gebaseerd op de normen van het Agrarisch Keurmerk Flexwonen (AKF). Meer informatie over de checklist Kwaliteit huisvesting. 

Gebruik altijd een huurovereenkomst

De afspraken over huisvesting zet je, als ondernemer in een aparte huurovereenkomst. Daarin staan afspraken over het soort onderkomen, de huurprijs, het beëindigen van de huurovereenkomst. Ook huisregels kun je in een huurovereenkomst zetten. Hangen daar boetebedragen aan, dan moet je het bedrag vermelden en daarbij ook een maximum noemen. Een huurovereenkomst is vormvrij, maar het is wel aan te bevelen een contract te gebruiken dat door een jurist is opgesteld. Een aanbieder van getoetste overeenkomst is de ROZ. Op hun site is een gratis huurovereenkomst te downloaden.   

Wanneer het gaat om kortstondig verhuren, hebben de huurders in de regel minder bescherming maar is het toch aan te bevelen een en ander op papier te zetten. De eerder genoemde huurovereenkomst kan daarbij als hulpmiddel dienen. Belangrijk is om te beschrijven wat de bedoeling van partijen is: kortdurend verhuren van woonruimte. Maak ook afspraken over de prijs en het beëindigen van de overeenkomst. In lijn met het advies van Roemer, adviseren we om in deze gevallen een opzegtermijn van vier weken te kiezen afhankelijk van de lengte van de overeenkomst.  

Aan de slag – Wat kan jij doen?

Hoe begin je als agrarisch ondernemer wanneer je wilt investeren in huisvesting voor je internationale werknemers? De kennisbank biedt inspiratie en tips om aan de slag te gaan. 

Houd mij op de hoogte!

Ben jij als agrarisch ondernemer, agrarisch bestuurder, gemeente of in een andere rol betrokken bij de huisvesting voor internationale werknemers? Meld je contactgegevens aan en we houden je op de hoogte van actuele ontwikkelingen. 👉

💬 Focus op lobby 
Ga tijdig in gesprek met alle partijen van jouw gemeente. Benader hierbij de partijen actief. Alleen een schriftelijk verzoek is niet voldoende.  

🔢 Cijfers  
Breng de urgentie en de omvang van het probleem in kaart. Verstuur bijvoorbeeld samen met jouw gemeente een enquête om cijfers op te halen. Dit helpt ook met draagvlak creëren, omdat je dit samen met je omgeving in gang zet. 

🧑🏼‍🤝‍🧑🏽 Samen sta je sterk 
Zoek bondgenoten voor je situatie. Kaart het probleem en oplossingen samen met collega-ondernemers aan, of betrek bestuurders van LTO.  

🏡 Zorg voor draagvlak  
De weerstand van gemeenten zit vaak in de reactie van omwonenden. Ga in gesprek met belanghebbenden en organiseer samen met je gemeente bijeenkomsten om het gesprek aan te gaan. Zorg eventueel dat er een werkgroep komt om samen met omwonenden problemen te bespreken en op te lossen. Kijk welke soort huisvesting het beste past en waar het meeste draagvlak voor is. Is er vooral behoefte aan kleinschalige seizoenhuisvesting op agrarische bedrijven of aan grootschalige huisvestingslocaties? 

💡 Kom met inspirerende voorbeelden
Vaak hebben gemeenten en omwonenden een verkeerd beeld bij (huisvesting voor) internationale werknemers. Laat met inspirerende voorbeelden zien dat er goede oplossingen zijn: 

  • Gebruik het inspiratieboek [link] 
  • Organiseer een Open Huisvestingsdag bij een collega-ondernemer en nodig gemeenteambtenaren en omwonenden uit om het gesprek aan te gaan  
  • Gebruik de video’s uit deze kennisbank 

🧠 Kom met oplossingen
Laat het belang van jouw onderneming zien voor de gemeente. En kom met een onderbouwde oplossing voor het realiseren van kwalitatief en voldoende huisvesting. Argumenten voor huisvesting op het eigen terrein zijn: 

  • Weinig weerstand van omwonenden 
  • Geen overlast in dorpskernen 
  • Geen woon-werk-verkeer 
  • Vermindert de druk op de reguliere woningmarkt  
  • Je neemt eigen verantwoordelijkheid en hebt controle en beheer

💪 De aanhouder wint
Belangrijkste tip is om het gesprek aan te blijven gaan en geduld te hebben. Probeer wanneer de nood hoog is om tot een tijdelijk compromis te komen met een gedoogbeleid.  

Open Huisvesting

Tijdens de Week van de Huisvesting (12 t/m 25 mei 2022) was er een Open Huisvesting georganiseerd bij Haneman Biofruit. Een inkijkje voor gemeenten, bestuurders, ondernemers en andere betrokkenen. In onderstaand filmpje zie je een impressie van de dag en de reactie van de deelnemers.

Ondersteuningsprogramma huisvesting voor ondernemers en agrarische bestuurders

Heb je in jouw regio te maken met een tekort aan voldoende en kwalitatieve huisvesting voor internationale werknemers? Kom jij samen met jouw gemeente niet tot een goed en werkbaar beleid? Heb je een vraag of kan je ondersteuning gebruiken? Neem dan contact op met het ondersteuningsteam voor ondernemers en agrarische bestuurders van LTO: 

 

Jules Sanders

Jules Sanders, beleidsadviseur LTO Noord
jsanders@ltonoord.nl, 0641561718 

 

Steve Fok LTO Nederland

Steve Fok, beleidsadviseur LTO Nederland
sfok@lto.nl, 0648020566  

 

Marleen van Mier, communicatie LTO Noord
mvmier@ltonoord.nl, 0648017008 

Veelgestelde vragen

Hoe groot is het tekort aan huisvesting voor internationale werknemers?

De precieze omvang van internationale werknemers in Nederland en ontwikkelingen in aantal en soort is niet precies vast te stellen. In publicaties en statistieken van bijvoorbeeld de Sociaal Economische Raad (SER), het Sociaal Cultureel Planbureau, het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en branchevereniging ABU/NBBU worden namelijk uiteenlopende definities van internationale werknemers gebruikt, waardoor de cijfers niet eenduidig zijn. Het CBS schatte het aantal in 2019 op ongeveer 767.000.  

Dalende trend in gemiddelde verblijfsduur  

Uit recent onderzoek van Decisio (april 2022) blijkt dat de gemiddelde verblijfsduur van internationale medewerkers daalt. Van alle internationale medewerkers die korter dan een jaar in Nederland verblijven, bleef in 2014 43% tussen de acht en twaalf maanden in Nederland. In 2019 lag dat percentage op 34%. Daarentegen steeg het percentage dat korter dan vier maanden in Nederland verbleef van 25% in 2014 naar 33% in 2019.   

Seizoenspatronen verklaren daling verblijfsduur  

Voor de agrarische sector is deze dalende trend van de verblijfsduur van internationale werknemers verklaarbaar: de agrarische sector kenmerkt zich door seizoenspatronen: in het plant- en oogstseizoen zijn meer arbeidskrachten nodig om het werk te klaren dan daarbuiten. In een enquête die in januari 2022 door LTO is uitgezet onder werkgevers in de land- en tuinbouw geeft 83,5% van de respondenten aan een tekort te verwachten voor werknemers voor teelt-, productie- en oogstwerkzaamheden. In de meeste gevallen (44,5%) gaat het om een tekort tijdens een periode van één tot drie maanden, en 24,2% verwacht een tekort voor drie tot zes maanden. Daarbij geeft 29,9% als reden voor het tekort aan dat zij hun werknemers niet goed kunnen huisvesten. En maar liefst 47,5% geeft het bieden van goede huisvesting aan als oplossing voor het tekort.  Volgens het Expertisecentrum Flexwonen is er een tekort van ruim 100.000 bedden voor het huisvesten van internationale werknemers.  

Hoe realiseren we voldoende en kwalitatieve huisvesting?

De internationale werknemer heeft huisvesting nodig die past bij het type werk en de lengte van de periode waarin de werkzaamheden plaats zullen vinden.   

Minder weerstand tegen huisvesting op bedrijf  

In veel gemeenten is bij burgers (en daardoor bij politici) weerstand tegen grootschalige locaties en huisvesting in het reguliere woningbestand. Huisvesting op de bedrijven levert echter meestal weinig weerstand op. Daarnaast is het voor een gemeente prettig als de sector eigen mensen opvangt tijdens pieken, zodat deze mensen geen gebruik hoeven te maken van de toch al overbezette beschikbare huisvesting in dorpskernen.   

Werknemers waarderen fijne huisvesting voor een zacht prijsje  

Internationale werknemers vinden het fijn dat hun werkgever zaken voor hen regelt en geborgde kwaliteit realiseerbaar is. Werknemers tijdens oogstseizoenen (met een maximale verblijfsduur van vier maanden) willen graag in korte tijd zo veel mogelijk verdienen en zo min mogelijk kosten maken, zodat ze met een mooi bedrag naar huis gaan. Tijdelijke huisvestingsvormen zijn hier uitermate geschikt voor. Daarbij moet de huisvesting uiteraard wel van goede kwaliteit zijn en aan de normen voldoen.   

Kortom: door met de sector mee te denken over huisvesting van eigen werknemers op de bedrijven, kunnen snel goede, extra bedden worden gerealiseerd. Dit biedt een uitstekende oplossing voor de huisvesting tijdens de arbeidspieken in de sector.   

Hoe waarborgen we de kwaliteit van huisvesting?

Voor het realiseren van voldoende kwalitatieve huisvesting zien we een publiek-privaat samenwerkingsmodel voor ons:  

  • Publiek: de gemeente zorgt voor vergunning om huisvesting te plaatsen, uiteraard binnen kaders van het bouwbesluit.  
  • Privaat: de ondernemer toont elk jaar met een keurmerk aan dat de huisvesting veilig, hygiënisch en comfortabel is. Het door werkgevers en werknemers in de sector opgezette Agrarisch Keurmerk Flexwonen leent zich daar uitstekend voor.  

Wat zijn de overeenkomsten en verschillen tussen het AKF- en SNF-keurmerk?

Veel ondernemers en gemeenten vragen zich af waarom er twee keurmerken zijn en hoe zij daar het best mee om kunnen gaan. AKF is gericht op bedrijven in de agrarische sector die hun werknemers zelf in dienst hebben. AKF maakt ook certificering van tijdelijke huisvestingsvormen mogelijk voor seizoenarbeid voor een periode van maximaal vier maanden. Omdat AKF óók goede en betaalbare huisvesting voor seizoenarbeid kan certificeren, kan AKF als complementair op het SNF-keurmerk worden beschouwd. Het Expertisecentrum Flexwonen heeft een nieuw overzicht gemaakt van overeenkomsten en verschillen. 

Ik bied geen huisvesting aan op mijn eigen terrein, mogen de huisvestingskosten in het kader van de cafetariaregeling dan wel uitgeruild worden?

Ja, als de huisvestingskosten via de loonstrook worden ingehouden bij de werknemer. 

Hoe zit het ook alweer met inhouden van de kosten van huisvesting op het WML van de werknemer?

De WAS bepaalt dat de huisvestingskosten alleen op het WML ingehouden mogen worden indien de huisvesting AKF of SNF gecertificeerd is, er een huurcontract is en de werknemer een machtiging heeft getekend om de kosten van huisvesting in te houden. Als werknemer alleen WML verdient en de huisvesting is niet AKF of SNF gecertificeerd, dan mogen de huisvestingskosten alleen op de bovenwettelijke vakantiedagen en het vakantiegeld worden ingehouden. 

Wat mag er maximaal aan huisvestingskosten worden ingehouden?

In de cao Glastuinbouw en cao Open Teelten is afgesproken dat de werkelijke kosten voor huisvesting mogen worden ingehouden. Dit met een maximum van 20% van het voor werknemer geldende wettelijk minimum(jeugd)loon op basis van een 38-urige werkweek.