Werken met robots en AI
- 2 september 2025
- Laatste update: 5 januari 2026

Personeel wordt steeds schaarser en duurder. In de land- en tuinbouw zou robotisering en kunstmatige intelligentie (AI) een grote bijdrage kunnen leveren aan het arbeidsvraagstuk.
De opkomst van robotisering zal het karakter van arbeid blijvend veranderen. Nieuwe banen ontstaan, andere verdwijnen of veranderen. Je zult als werkgever moeten investeren in kennis, flexibiliteit en organisatieontwikkeling. Op deze themapagina gaan we in op de voordelen én uitdagingen van nieuwe technologieën in relatie tot arbeid. Zodat jij de juiste afwegingen kunt maken in je ondernemerskeuzes en daarbij oog houdt voor je werknemers.
Robotisering speelt een cruciale rol bij het opvangen van arbeidstekorten in de sector. Vooral bij repetitieve, zware of tijdsintensieve taken zoals melken, wieden, plukken of voeren, kunnen autonome systemen zorgen voor een aanzienlijke verlaging van de arbeidsdruk.
Aan robotisering hangen ook nadelen. Zo is de investering vaak hoog – van enkele duizenden euro’s voor GPS-oplossingen of taakkaartsoftware, tot bedragen van €50.000 – €150.000 of meer voor autonome robots en geavanceerde camerasystemen – en de terugverdientijd varieert sterk per sector. Ook is de technologie nog volop in ontwikkeling, waardoor sommige robots nog niet optimaal werken. Uit *onderzoek van LTO (januari 2025) blijkt dan ook dat het ontbreken van financiële middelen de belangrijkste reden is van boeren en tuinders om geen investering in robots of AI te doen.
Waar technologie fysieke arbeid kan overnemen, verandert het karakter van het werk. Je werknemers krijgen minder fysieke belasting, maar meer toezicht- en onderhoudstaken. De aard van het werk wordt technischer en minder routinematig.
De introductie van robots op de werkvloer vraagt om een mentale aanpassing bij werknemers. Niet iedereen staat open voor technologische vernieuwing, zeker wanneer dit invloed heeft op hun dagelijkse taken. Wees je er ervan bewust dat niet iedereen deze rolverandering wil of kan maken. Leeftijd en opleidingsniveau speelt hierin een rol. Net als taalvaardigheid en ICT-ervaring en technische aanleg.
Over de snelheid van ontwikkelingen in de wereld om je heen heb je geen controle. Waar je wel regie op kunt voeren is je strategie. Het is een keuze om te investeren in nieuwe technologieën. Jouw visie bepaalt welk type mens je moet aannemen. Jouw werknemers moeten passen bij de cultuur die jij voor ogen hebt op je bedrijf. Pas hier je HR-beleid op aan en besef dat een cultuuromslag wel twee tot drie jaren kost. Robotisering en AI kunnen nog zo hun vlucht nemen, maar als jouw werknemers er nog niet klaar voor zijn, zal er geen cultuuromslag plaatsvinden.
Een voorbeeld: je schaft een sorteerrobot aan, en zet deze in in het bedrijf om zo je personeel ontlasten. De reactie die je kunt krijgen is ‘wat is de oud-ijzer prijs?’. Je werknemers zien een ingewikkeld apparaat dat zij niet zonder training kunnen besturen. Bovendien kan dit apparaat hun werkzaamheden mogelijk vervangen. Pas nadat zij op basis van de eerste resultaten zien dat zij dankzij de robot efficiënter werken, zal de weerstand hoogstwaarschijnlijk afnemen. Oftewel creëer draagvlak en bereidwilligheid onder je werknemers. Want zonder inzet van je werknemers zijn dure robots de investering niet waard.
Jonge collega’s roepen vaak verwondering, frustratie en onbegrip op onder oudere werknemers op de werkvloer. Maar verplaats je eens in ze. Voor een deel zijn jongeren nog volop in ontwikkeling. Het jonge brein heeft een groot lerend vermogen. Dit betekent dat jongeren snel(ler) informatie opslaan. Ze hebben vaak behoefte aan taakduidelijkheid en structuur, maar binnen een zekere mate van autonomie. En ze hebben dikwijls moeite met het scheppen (en behouden) van overzicht. Deze kenmerken zijn biologisch verklaarbaar en daarmee tijdloos. Behandel ze als volwassenen, maar houd rekening met onvolwassenheid.
Toch heeft iedere generatie ook iets eigentijds. Een generatie is het product van de tijdgeest waarin ze opgroeit. Alles wat we meemaken, bepaalt ons. Je verwachtingen zijn altijd gebaseerd op herinneringen en ervaringen die je hebt opgedaan. En als je gedurende een periode in een groep opgroeit, heb je een gedeeld referentiekader. Gen Z – geboren tussen 2000 en 2015 – zit nog in hun formatieve jaren. Daarmee zijn zij een waardevolle signaalfunctie van wat er in de samenleving aan de hand is. Zij weerspiegelen daarmee ook de werkvloer. In plaats van iets als ‘onwenselijk gedrag’ te ervaren, kan je het ook beschouwen als spiegel om te reflecteren. Ook jongeren worstelen met digitale innovaties. Ook zij zoeken naar een gezonde omgang met nieuwe technologie. Start dan ook een gezamenlijke zoektocht – met oude én jonge werknemers – en maak gebruik van ieders referentiekader, ervaringen en kijk op de wereld.
Technologie gaat razendsnel. Alles wordt steeds makkelijker. We willen steeds sneller en efficiënter. AI en robotisering helpen ons hierbij. Soms met voor de werknemer ongunstige gevolgen. Zo zagen vertalers hun uurtarief flink dalen nadat Google Translate zijn vlucht nam. Maar is het erg als saai werk weg-geautomatiseerd wordt? Dat biedt werknemers kansen om andere – lees: leukere – uitdagingen te vinden.
Luidt AI ook het einde in voor HR-werk? Want AI helpt of vervangt (binnenkort) werving en selectie. Op basis van data kunnen snel de juiste werknemers gevonden worden. Maar technologie voert geen gesprekken. Mensen wel. Over hoop, angsten, verlangens en andere emoties. Technologie kan de ziel uit de mens slaan. In HR-werk gaat het erom dat je het beste bij je werknemers naar boven haalt en dat los je niet op met technologie. Kortom, maak ook in HR-werk gebruik van alle middelen om je routinewerk te ontlasten en te optimaliseren. Jouw toevoegde waarde en kracht zit in de focus op de menselijke kant van je werknemers.
Met de komst van robots verandert ook het profiel van je werknemers. Technische vaardigheden, data-analyse en probleemoplossend vermogen worden belangrijker. Goede training en om- en bijscholing van je personeel is daarom belangrijk.

Sinds 2 februari 2025 verplicht de AI-verordening organisatie ervoor te zorgen dat jouw medewerkers die met AI te maken krijgen, ‘AI-geletterd’ zijn. AI-geletterdheid betekent dat jouw medewerkers voldoende kennis en kunde hebben op het vlak van AI (kunstmatige intelligentie). Dit kunnen medewerkers zijn die met melkrobots werken of met drones voor precisielandbouw. Maar ook wanneer je medewerkers tools als ChatGPT inzetten om hun werk te vergemakkelijken. Medewerkers moeten weten hoe deze technologie (op basaal niveau) werkt, waar de kansen liggen en welke risico’s er aan verbonden zijn. Hierbij gaat het dus niet alleen om technische kennis, maar ook om sociale, ethische en praktische aspecten.
Voor het correct gebruik van AI in machines op jouw bedrijf is (meestal) de fabrikant verantwoordelijk. Voor het gebruik van AI-systemen binnen jouw bedrijf zelf gaan voor jou als werkgever verplichtingen gelden vanuit de verordening. Om er achter te komen waaraan jij als werkgever moet voldoen start je een inventarisatie binnen jouw bedrijf: welke AI-systemen worden er gebruikt binnen de organisatie en welke kennis is er al. Stel vast in welke risicocategorieën dit gebruik valt (deze vind je bij veelgestelde vragen hieronder). Op basis van deze inventarisatie doe je het volgende:

Zorg dat medewerkers die AI-systemen ontwikkelen of inkopen genoeg kennis hebben van hoe zo’n systeem werkt en welke risico’s het kan opleveren.

Zorg dat medewerkers die verantwoordelijkheid dragen voor het gebruik van bepaalde AI-systemen weten hoe en waarvoor ze het moeten gebruiken, en welke risico’s daarbij horen.
Alle medewerkers die met AI-systemen werken of erbij betrokken zijn, moeten algemene kennis hebben over AI en algoritmes. Ook is het belangrijk om de ethische en sociale aspecten uit te leggen, zoals risico’s en kansen. Zo kun je verantwoord gebruik van AI-systemen bevorderen.
Robotisering betekent het inzetten van machines die (deels) automatisch werkzaamheden uitvoeren. In de agrarische sector gaat het bijvoorbeeld om oogstrobots, sorteermachines of melkrobots. Deze technologie helpt om arbeid te besparen, productie te versnellen en zware fysieke taken te verlichten. Vooral in tijden van personeelstekort biedt robotisering uitkomst.
AI (kunstmatige intelligentie) is technologie die zelfstandig leert van data en beslissingen kan nemen. In de agrarische praktijk wordt AI bijvoorbeeld gebruikt om gewasgroei te monitoren, ziektes vroegtijdig te herkennen of werkschema’s slimmer te plannen. Voor werkgevers betekent dit betere sturing van processen, minder verspilling en efficiënter gebruik van personeel en middelen.
De inzet van robots op het agrarisch bedrijf valt onder verschillende wettelijke kaders. Het gaat zowel om arbeidswetgeving, veiligheidsnormen als toepassingsregels voor machines:
Veel leveranciers van agrarische robots bieden naast de techniek ook ondersteuning bij de juridische en Arbo technische kant van de inzet.
De AI Act is een Europese verordening die regels stelt aan het ontwikkelen en gebruiken van kunstmatige intelligentie (AI) om de veiligheid, betrouwbaarheid en fundamentele rechten van burgers te garanderen. De wet deelt AI-systemen in risicocategorieën in, van onaanvaardbaar risico (verboden) tot laag risico (met transparantieverplichtingen), en legt eisen op voor het aanbieden van AI-systemen op de Europese markt. Het doel is om innovatie te bevorderen door een duidelijk kader te bieden, zodat AI-toepassingen veilig en betrouwbaar zijn.
Maak je als bedrijf gebruik van AI dan ben je met ingang van 2 februari 2025 verplicht, vanuit de transparantie- en zorgplicht in de verordening, werk te maken van de AI-geletterdheid binnen jouw bedrijf. Onder AI-geletterdheid wordt verstaan: het vermogen om kunstmatige intelligentie (AI) te begrijpen, te gebruiken, te monitoren en er kritisch over te reflecteren. Niet iedereen hoeft over dezelfde AI-geletterdheid te beschikken. Voor werknemers die werken met AI met hoog risico is een ander niveau van AI-geletterdheid wenselijk dan werknemers die werken met AI met beperkt of minimaal risico. Belangrijk is dat je ervoor zorgt dat jouw werknemer weet dat hij met AI werkt en dat hij voldoende kennis en vaardigheden heeft om verantwoord met AI om te gaan: AI-geletterdheid betekent dat jouw medewerkers voldoende kennis en kunde hebben op het vlak van AI (kunstmatige intelligentie). Dit kunnen medewerkers zijn die met melkrobots werken of met drones voor precisielandbouw. Maar ook wanneer je medewerkers tools als ChatGPT inzetten om hun werk te vergemakkelijken. Medewerkers moeten weten hoe deze technologie (op basaal niveau) werkt, waar de kansen liggen en welke risico’s er aan verbonden zijn. Hierbij gaat het dus niet alleen om technische kennis, maar ook om sociale, ethische en praktische aspecten.
De verordening maakt onderscheid in verschillende risicocategorieën:
Om inzicht te krijgen in wat er binnen jouw bedrijf met AI wordt gedaan is het handig dit in kaart te brengen en houdt het bij. Vooral ook om te weten van welke risico’s er sprake is en welke vorm of welk niveau van AI-geletterdheid er dan gewenst of noodzakelijk is. Leg ook vast in beleid hoe AI mag worden toegepast binnen jouw bedrijf. Daarnaast kan het bij veel gebruik van (hoog risico) AI verstandig zijn iemand aan te wijzen die toezicht houdt op verantwoord gebruik van AI. Beperk het gebruik van gevoelige persoonsgegevens blijf er tot slot voor zorgen dat belangrijke beslissingen altijd door een mens worden genomen.
Zodra je besloten hebt welke technologie jij wilt aanschaffen, is het slim om te kijken of er subsidiemogelijkheden zijn. Zorg ervoor dat je tijdig subsidie aanvraagt. Vaak moet dit al vóór aanschaf. Let er ook op wanneer je een investeringsaftrek dient in te dienen: een MIA, Vamil of EIA moeten binnen drie maanden na opdrachtbevestiging worden aangevraagd.
Een goede financiële onderbouwing is essentieel. De investering in robotica is hoog, maar kan zich terugbetalen door lagere arbeidskosten, hogere opbrengstkwaliteit en efficiëntieverbetering.
Bereken je rendement op investering (ROI) door de de kosten af te wegen tegen de baten. Denk aan het vervallen van het aantal arbeidsuren; de onderhoudskosten en servicecontracten; de restwaarde na 5-10 jaar; en mogelijkheden voor subsidies of fiscale voordelen.
Samenwerken bij het ontwikkelen van nieuwe technologie, zoals robots en kunstmatige intelligentie (AI), is belangrijk voor jou als werkgever. Door samen te werken met andere bedrijven of kennisinstellingen kun je kennis delen, kosten besparen en sneller vernieuwen. Zo zou je samen met andere ondernemers in een robot kunnen investeren om de kosten te delen. En voor sommige subsidieaanvragen sta je sterker als je aanvraag vanuit een collectief is. En het is altijd verstandig om ervaringen uit te wisselen met ondernemers die al werken met een bepaalde robot. Samen kom je verder dan alleen. Kan jij hulp gebruiken bij het in contact komen met andere werkgevers?
Neem contact met ons op
De inzet van robots op het agrarisch bedrijf valt onder verschillende wettelijke kaders. Het gaat zowel om arbeidswetgeving, veiligheidsnormen als toepassingsregels voor machines:
Veel leveranciers van agrarische robots bieden naast de techniek ook ondersteuning bij de juridische en Arbo technische kant van de inzet.
Eén van de grote voordelen van robotisering is de verbetering van arbeidsomstandigheden. Vooral bij zware of monotone taken draagt automatisering bij aan betere ergonomie en minder arbeidsongevallen. Denk aan automatische voersystemen die sjouwwerk reduceren. Of wietrobots die handmatig bukwerk voorkomen. Autonome karren verminderen duw- en tilbelasting. En exoskeletten ondersteunen je werknemers om belastende taken te verlichten.

In sectoren zoals glastuinbouw en open teelten is veel vraag naar tijdelijke arbeidskrachten. Robotisering kan de afhankelijkheid hiervan deels verminderen. Mede door de politieke druk op arbeidsmigratie en huisvesting voor arbeidsmigratie, zet LTO zich in om financiële steun te krijgen vanuit de overheid om te investeren in en te experimenteren met nieuwe technologie. Robotisering is geen toekomstbeeld, maar noodzaak. Al benadrukt LTO ook dat technologie niet meteen voor alle werkzaamheden een oplossing kan zijn op korte termijn: in de praktijk blijven er nog veel menselijke handelingen nodig die ook de komende jaren nog niet vervangen kunnen worden door robots.
Boeren en tuinders vragen vooral om ervaringen van collega’s: wat werkt, wat niet, en waarom? In het project ‘Robotisering in relatie tot arbeid’ worden praktijkpilots opgezet waarin ondernemers met ondersteuning aan de slag kunnen met robotisering. Projectleider Robert Veenstra ziet veel in het opzetten van een studieclub voor agrarische ondernemers: “Het liefst met ondernemers die elkaar niet direct beconcurreren, zodat er echt kennis gedeeld durft te worden. Denk aan een moderne studieclub, waarin je ideeën uitwisselt over bijvoorbeeld de arbeidsbesparingen van onkruidbestrijding of melkrobottechnieken. Bovendien zorgt open source ervoor dat ondernemers niet langer afhankelijk zijn van hun softwareleverancier. Ondernemers in de open teelten, dierhouderij of paddenstoelen die willen meedenken of meedoen, neem contact met ons op via onderstaand formulier.
Dit project wordt gefinancierd door Colland Arbeidsmarkt.