Bel: 088 888 66 88

Loonkostensubsidie via Gemeenten

Loonkostensubsidie via Gemeenten
10 november 2016 Klaas Eenkhoorn

Werkgevers worden met loonkostensubsidie financieel gecompenseerd voor de verminderde productiviteit van werknemers met een arbeidsbeperking. Gemeenten kunnen loonkostensubsidie inzetten voor mensen die niet het Wettelijk minimumloon (WML) kunnen verdienen. Het gaat om mensen voor wie de gemeente verantwoordelijk is om hen te ondersteunen bij het vinden van werk. Dat kan dus gaan om mensen die bijstand ontvangen, mensen die een IOAW- of IOAZ-uitkering ontvangen, mensen die met behulp van een andere voorziening van de gemeente al aan het werk zijn, maar ook om zogenaamde niet-uitkeringsgerechtigden: mensen zonder uitkering.

Gemeenten moeten vaststellen dat deze mensen niet het WML kunnen verdienen als zij voltijds zouden werken, dit naar aanleiding van de beoordeling van het UWV die bepaalt of deze mensen tot de doelgroep behoren. Verder moet vaststaan dat zij mogelijkheden hebben om te werken. Mensen die duurzaam geen arbeidsvermogen hebben behoren dus niet tot de doelgroep voor loonkostensubsidie. De gemeente stelt dit allemaal zelf vast.

Loonkostensubsidie voor mensen met een arbeidsongeschiktheidsuitkering
Ook kan de gemeente in aangewezen gevallen loonkostensubsidie inzetten voor mensen met een arbeidsongeschiktsheidsuitkering van het UWV. Dat is het geval als gemeente en UWV uitdrukkelijk zijn overeengekomen dat de gemeente verantwoordelijk is voor de ondersteuning van zo iemand. Mensen die via de nieuwe voorziening beschut werk (voorheen Wsw) aan de slag gaan kunnen ook aan het werk worden geholpen met een loonkostensubsidie. Wanneer deze werknemer wordt gedetacheerd betaalt de werkgever bij wie de werknemer aan het werk gaat een inleenvergoeding aan de werkgever die detacheert (formele werkgever). Als de gemeente detacheert, ontvangt de gemeente de loonkostensubsidie. Bij het bepalen van de hoogte van de inleenvergoeding kan rekening worden gehouden met de hoogte van de loonkostensubsidie.

Hoogte loonkostensubsidie
De loonkostensubsidie bedraagt het verschil tussen het (bruto) WML en de vastgestelde loonwaarde (bruto). De loonkostensubsidie bedraagt maximaal 70% van het WML, vermeerderd met een vergoeding voor de werkgeverslasten. Voor de loonkosten boven het WML ontvangt de werkgever géén loonkostensubsidie. Die kosten moet de werkgever zelf dragen. Het percentage vergoeding werkgeverslasten zal een gemiddelde zijn van de werkgeverslasten in de verschillende bedrijfstakken. Omdat de loonkostensubsidie niet aan de werknemer wordt betaald maar aan de werkgever, is het geen vorm van inkomen waarover door een gemeente loon- of inkomstenbelasting moet worden afgedragen. Als werkgever zijnde bent u wel inhoudings- en afdrachtplichtige over het loon dat u aan de werknemer betaalt.

0 Reacties

Laat een reactie achter